Indisch monument

Het politieke klimaat in Nederland vlak na de oorlog werd getekend door schaamtegevoel rondom het koloniaal verleden en gevoeligheden in de relatie met Indonesië. Daardoor duurde het lang voor er van overheidswege erkenning kwam voor het leed van de oorlogsslachtoffers uit de voormalige kolonie Nederlands-Indië en voor er enige belangstelling ontstond voor de slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog in Zuidoost-Azië.

Na plaatsing van een urn in het monument op de Dam, het KNIL-monument in Enschede, het vrouwenmonument in Apeldoorn en de Plaquette in de Tweede Kamer der Staten-Generaal kwam in 1988 het Indisch Monument in Den Haag tot stand.

Het Indisch monument aan de Teldersweg in Den Haag is in 1988 onthuld door H.M. Koningin Beatrix. Het ontwerp is van mevrouw Jaroslawa Dankowa, een Nederlandse kunstenares van Bulgaarse afkomst, die lange tijd in Den Haag heeft gewoond en gewerkt.

Het monument herinnert aan de slachtoffers van de oorlog die Nederland van 1941 tot 1945 tegen Japan heeft gevoerd in voormalig Nederlands-Indië (het huidige Indonesië).

Omschrijving en symboliek

Er worden zeventien bronzen gestalten van verschillende leeftijden getoond, voor een hoog weef- of hekwerk opgesteld rond een baar. De gestalten vertegenwoordigen de vele gezichten van lijden: de pijn, de wanhoop en het protest.

Op de baar in het midden ligt de dood, links en rechts geflankeerd door rouwende vrouwenfiguren.

De figuren aan de uiterste zijden verwijzen naar de bevrijding. Zij zijn wakker geschud en met opgeheven hoofd en gebalde vuisten trekken ze strijdlustig de toekomst tegemoet.

 

Aan het ontwerp werd de kaart van Indonesië toegevoegd, liggend in het midden van het monument. Het hoge hekwerk symboliseert voor de een de saamhorigheid, voor de ander de omheining waarachter men gevangen zat.

 

Links op het monument staat de tekst “8 dec. 1941-15 aug. 1945”. Die data verwijzen naar de oorlogsverklaring van Nederland aan Japan en van de capitulatie van Japan na het Amerikaanse bombardement op de Japanse steden Hiroshima en Nagasaki. Formeel eindigde de Tweede Wereldoorlog voor Nederland pas op 15 augustus 1945 en niet op 5 mei 1945.

 

De tekst rechts op het monument “De Geest overwint” is vrijwel gelijk aan de tekst op de gedenktekens van de acht erevelden in Indonesië en zeven erevelden verspreid over Zuidoost-Azië waar Nederlandse oorlogsslachtoffers begraven liggen.

Historie Monument

Het politieke klimaat in Nederland vlak na de oorlog werd getekend door gevoeligheden in de relatie met Indonesië en schaamtegevoel over het koloniaal verleden. Daardoor duurde het lang voor er van overheidswege erkenning kwam voor het leed van de oorlogsslachtoffers uit de voormalige kolonie Nederlands-Indië. Na plaatsing van een urn in het monument op de Dam, het KNIL-monument in Enschede, het vrouwenmonument in Apeldoorn en de Plaquette in de Tweede Kamer kwam in 1988 het Indisch Monument in Den Haag tot stand.

Op 15 augustus 1970 vond 25 jaar na dato voor het eerst een uitgebreide herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië plaats. Hierbij waren 10.000 mensen, leden van het Koninklijk Huis en vertegenwoordigers van de regering aanwezig. Pas in 1980 werd deze herdenking herhaald in aanwezigheid van 11.000 personen, het koninklijk paar, leden van de regering en de Indonesische ambassadeur. Dit was de start van de jaarlijkse herdenking van het einde van de oorlog in Zuidoost-Azië. De organisatie van de jaarlijkse herdenking werd in handen gelegd van de op 15 maart 1980 door 24 Indische organisaties opgerichte Stichting Herdenking 15 Augustus 1945.

Het Indisch Monument in Den Haag werd onthuld in 1988. De ontstaansgeschiedenis maakte onderdeel uit van de in de jaren tachtig heersende ‘herinneringscultuur’. Het initiatief hiertoe kwam niet uit de koker van de Indische organisaties, maar van het Adviescomité Oorlogsherdenkingstekens van het toenmalige Ministerie van WVC. Het comité stond onder leiding van Harry Verheij, die ook lid was van de Uitkeringsraad die moest beslissen over de WUV-uitkeringen aan oorlogsslachtoffers. Hierdoor was hij goed geïnformeerd over het leed dat in de oorlog in Zuidoost-Azië was geleden en de blijvende invloed ervan op de levens van de betrokkenen.

Het monument werd een monument ‘in nationale stijl’ (NB. Het Nationaal Monument staat op de Dam te Amsterdam), dat aansloot bij de herinneringstraditie van de urn (de Dam) en het vrouwenmonument te Apeldoorn/Arnhem. Het moest herkenbaar zijn voor ten minste vier groepen oorlogsgetroffenen in de periode 1941-1945: militairen, vrouwen en kinderen uit de kampen, krijgsgevangenen en Indo-Europeanen die in het algemeen buiten de kampen waren gebleven en de zwaarst getroffen Indonesische groep dwangarbeiders, de romusha’s.

(bron dr. Elsbeth Locher-Scholten ‘Van Indonesische urn tot Indisch Monument: vijftig jaar Nederlandse herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog in Azië’, Bijdragen en mededelingen betreffende de geschiedenis der Nederlanden 114(1999) 192-222)

Bijzetting aarde ereveld Ambon

Bij het Indisch Monument in Den Haag is woensdag 12 november 2008 aarde bijgezet van het ereveld Galala Tantui op Ambon. Namens de Molukse gemeenschap begroef Sylvia Pessireron de urn bij de al eerdere bijgezette aarde van de andere erevelden in Indonesië.

Met de bijzetting van de aarde van de acht erevelden in Indonesië waar Nederlandse oorlogsslachtoffers begraven liggen, is symbolisch een band gelegd tussen deze erevelden en de plek waar zij herdacht worden: het Indisch Monument. Eén en ander is tot stand gekomen op initiatief van Stichting Herdenking 15 Augustus 1945.

In 2005 is de aarde van de zeven erevelden op Java (Ancol en Menteng Pulo in Jakarta, Pandu in Bandung, Leuwigajah in Cimahi, Candi en Kalibanteng in Semarang en Kembang Kuning in Surabaya) in een urn in het zuiltje voor het Indisch Monument geplaatst. Vanwege de spanningen op de Molukken was de aarde van het ereveld Galala Tantui op Ambon lastiger mee te krijgen naar Nederland.

Met de bijzetting van deze urn is nu ook tegemoet gekomen aan de wens van nabestaanden van oorlogsslachtoffers die op het ereveld op Ambon begraven liggen. Bij de korte plechtigheid waren vertegenwoordigers van de Oorlogsgravenstichting, Stichting Herdenking 15 Augustus 1945 en Stichting Pelita aanwezig. Sylvia Pessireron bedekte voor de bijzetting de urn met bloemblaadjes en eau de cologne.


 

Donateur worden?

Stichting Herdenking 15 augustus ontvangt financiële steun van het V-fonds en het ministerie van VWS. Daarnaast kan de Stichting uw steun goed gebruiken! Momenteel heeft de Stichting circa 1.500 donateurs.

Wordt donateur

Digitaal boekje

Deze uitgave is tot stand gekomen op initiatief van de Stichting Herdenking 15 Augustus 1945 ter herinnering aan de ontstaansgeschiedenis en het 20-jarig bestaan (in 2008) van het Indisch Monument. De achterliggende historie en het belang van dit monument voor de Indische gemeenschap worden hierin beschreven.

Download PDF
Mede mogelijk gemaakt door

én onze vele donateurs en vrijwilligers!